Interview met Paul Wessels

Medewerker bij De Stadsbouwmarkt Amsterdam BV

 

Deze doe-het-zelfwinkel bestaat eigenlijk al meer dan 40 jaar hier in de straat,

maar kende wel verschillende eigenaren.

Dat heeft veel verkoop veranderingen met zich mee gebracht.

Ook voor mij.

Dat maakt het zo boeiend.

Paul Wessels, 63 jaar, is nu 7 jaar werkzaam in deze winkel,

(nu: De Stadsbouwmarkt Amsterdam BV),  hier in de J.P.Heijestraat 97-99.

Paul is overigens niet de eigenaar van deze huidige BV, maar een werknemer in de winkel, alleen doordat hij precies op een kruispunt van dit bedrijf, zijn loopbaan in deze winkel is begonnen, werd het een heel boeiend gesprek.

Hij kan heel beeldend vertellen hoe dit verloop zich heeft voltrokken en wat voor een rol hij daarin heeft gespeeld.

Het dynamische gesprek over de ontwikkelingen van deze zaak, geeft aan hoe hij, als werknemer, zichtbaar betrokken was bij de overnames van deze winkel.

Als je deze bouwmarkt betreedt, zie je dan ook gelijk de ruime keuze aan producten en het ademt de energie uit van en voor goed vakmanschap.

Alles op het gebied van (thuis-)klussen is hier te koop en je voelt gelijk de ruimte voor de nodige begeleiding bij je vragen, die je vaak nog hebt bij het klussen.

Heerlijk dat zulke winkels nog bestaan.

Even weer dat gevoel te hebben dat je welkom bent en ze er voor jou zijn.

WAT KWAM JIJ TEGEN, TOEN JE HIER 7 JAAR GELEDEN KWAM TE WERKEN?

‘Dan ga ik eerst even terug in de tijd, voordat ik hier werkte.

Namelijk eer ik hier kwam werken, was deze winkel een heel goedlopend familiebedrijf WALSTAAL.

Dit familiebedrijf was een winkel voor ijzerwaren waar dhr. Wals samenwerkte met zijn twee dochters en zijn schoonzoon. Tevens werkte er nog een medewerker mee.

Toen op een gegeven moment dhr. Wals wilde stoppen, bleek dat zijn dochters de zaak niet wilden overnemen.

Dit hield in, dat dhr. Wals, toen al 74 jaar, zijn bedrijf moest verkopen.


Vooraf aan de verkoopperiode heeft hij zoveel mogelijk via opheffingsuitverkoop zijn inventaris verkocht. De winkel was na deze verkoop behoorlijk leeg en kende nauwelijks nog een breed assortiment.

Pas bij de verkoop en overnameperiode aan de volgende eigenaar, dhr. Bouhri, die zelf een schoonmaakbedrijf had, kwam ik in dienst als werknemer.

WAT MAAKTE HET VERSCHIL VOOR JOU BIJ DIE OVERNAME?

Bij deze overname zag ik met lede ogen aan, hoe dit bedrijf met een heel klein inventaris startte. Dat was een gevolg van de opheffingsuitverkoop van de vorige eigenaar, maar waar niet veel meer bij kwam.

Alles wat er nog bij werd gekocht was voornamelijk uit andere overnames, dus ‘losse’ ijzerwaren producten, d.w.z. producten, waarvan je niet meer wist, waar dat ingekocht was en waarvan je alles handmatig moet aangeven, wat ervan verkocht was.

Ook veel goedkope ‘Eurowinkels’ artikelen, waar je niet veel aan had in deze branche. Zogezegd de keuze voor deze goedkope spullen van de nieuwe eigenaar was deze zaak niet waardig.

Gewoon m.i. zeer goedkoop en slechte kwaliteit.

Deze keuzes waren voor mij moeilijk aan te zien, ik had hier gewoon heel andere ideeën over om deze zaak te runnen.

Onze visies over dit bedrijf waren dan ook heel verschillend.

Door dit beleid maakte deze winkel ook geen groeiende omzet, maar ging het juist steeds meer achteruit.

Voortdurend “nee”-verkopen, werkt niet.

Wat inhield, dat je soms klanten had, die je maar deels kon helpen en klanten, die je niets kon verkopen, omdat het er gewoon niet was.

Hoewel de aanloop van klanten goed was, was de verkoop slecht.

Aan de vraag van de klanten konden we gewoon niet genoeg voldoen.

Ook niet om één of twee losse schroefjes te verkopen per klant, dat leverde gewoon niets op, al lijkt het dat je dan veel service biedt.

De vakken waren wel gevuld, maar bv. van één meter winkelschap lag er maar één van hetzelfde soort product.

Zogezegd in vaktaal: Het assortiment wat te leeg, dus eigenlijk te klein.

HOE BEN JIJ MET DEZE PROBLEMEN OMGEGAAN?

Ondanks dat ik het zag, dat het assortiment te smal was en de omzet te gering was, werd er te weinig aan gedaan. Dat was echt lastig om te zien gebeuren.

Zelf ben ik destijds begonnen om barcodes en labels bij de producten te gaan aanbrengen om zo de nodige gegevens digitaal te kunnen gaan administreren en de voorraad te controleren en ben ook blisters (plastic verpakkingen voor kleine producten) gaan aanschaffen om producten op deze manier verkoopwaardig te maken.

Dus meerdere ‘ losse’ schroefjes tegelijk in een zakje doen om zo meer efficiëntie te creëren en de overlevingskansen van dit bedrijf te vergroten.

Het was te veel handwerk, om al die niet gelabelde kleine schroefjes en losse artikelen, handmatig te registreren om zo te weten wat je voorraad is en wat je verkocht hebt en vooral wáár je het gekocht hebt.

Doordat de eigenaar in 2015 overleed, moest deze winkel weer worden doorverkocht.

Uiteindelijk had hij 3 jaar deze zaak gerund.’

WAT WERD JOU ROL TIJDENS DIE VOLGENDE VERKOOP VAN DE WINKEL?

‘Ik werd toen gevraagd door de notaris een aangestelde bewindvoerder, de winkel tijdens deze verkoopperiode open te houden en dat heb ik 10 maanden lang gedaan.

Dat betekende voor mij opeens 6 dagen in de week en minimaal 10 uur op een dag werken.

Het ging niet zozeer om nog te investeren in de zaak, maar om deze winkel gewoon draaiende te houden.

Dus wel inkopen doen, bestellingen bijhouden, klanten helpen, e.d.

Totdat alle schulden en de belastingen waren afbetaald.

Tijdens deze periode werd ik door de boekhouder ook gevraagd of ik deze winkel niet wilde overnemen, maar dat heb ik stellig geweigerd.

Ik wilde juist niet meer zoveel uren werken, ik probeerde juist meer rust in mijn leven te scheppen. Ik had genoeg gewerkt in mijn leven.

ER KWAM DUS WEER EEN NIEUWE OVERNAME, HOE WERKTE DAT VOOR JOU?

‘Ja, goed, dit was heel wat anders.

De Stadsbouwmarkt Amsterdam BV, die bestaat uit vier personen, heeft uiteindelijk dit pand met een duidelijke idee in 2016 aangekocht.

Er kwam ook direct een zaakvoerder voor deze winkel, Peter, die verantwoordelijk is voor deze vestiging.

Ook hij heeft net als ik bij hele grote bedrijven gewerkt en dan denk je gewoon ook groot en anders. Je weet dat dan dat je altijd in beweging moet blijven en je moet blijven ontwikkelen.

Tevens komt hij uit uit deze branche en is daardoor zeer vakbekwaam.

Met hem samenwerken is heel fijn, want wij delen onze ideeën heel erg en kijken ook met dezelfde blik naar de toekomst.

Beiden weten dat je moet blijven ontwikkelen, anders groei je niet.’

WAT WERD JOUW PLAATS IN DIT NIEUWE BEDRIJF?

‘Wat er gebeurde was dat de nieuwe eigenaren de winkel opnieuw gingen inrichten en bevoorraden, met een zeer gevarieerde keuze aan producten.

Doordat Peter, de zaakwaarnemer, uit deze branche kwam, had hij ook een heel uitgebreid netwerk opgebouwd.

Dat maakte het mogelijk, snel en efficiënt de inkopen te regelen. Hij wist precies waar je zijn moest.

Ook is nu in de hele winkel alles in barcodes en op blisters.

Nu valt ook de inkoop en je voorraad goed onder controle te houden. Daar hoeven we niet meer zoveel tijd aan te besteden

Zo houd je ook een goed overzicht over je verkoop in de winkel.

Overigens kom ik zelf niet uit deze branche, maar heb ik wel tijdens de afgelopen jaren mij goed ingelezen.

Dat vind ik heel belangrijk, dat je weet waarvoor je staat naar klanten toe.

Op deze manier ben ik er voldoende in gegroeid. Ik kan service bieden aan de klanten en ze helpen met hun vragen.

Dus voor mij en in de communicatie met Peter een duidelijke verbetering.

Doordat wij nu weer met zijn tweeën in de winkel staan, kan ik ook weer gewoon mijn 24 uur per week draaien, wat ik daarvoor ook deed.

Ja, ik kan mijn draai in deze nieuwe situatie, die nu al drie jaar gaande is, heel goed vinden.’

WAT HEEFT DE STADSBOUWMARKT ALS DOEL?

‘De Stadsbouwmarkt is tot nu toe hun eerste zaak en de bedoeling is na kapitaalvergroting meerdere zaken op te zetten in Nederland. Daar zijn ze al mee bezig, maar dat is nog groeiende.

Deze BV. heeft de kennis van zaken om zich echt te ontwikkelen en verder te groeien.

En door hun beleid in de afgelopen 3 jaar, zie je ook nu al de omzet stijgen met rond de 15%. Dat is best al heel mooi zo.

Besef wel, dat je met zo’n buurtzaak als deze niet echt rijk zult worden, een goede boterham, dat wel, maar verder niet. De kosten zijn zo hoog om zo’n zaak te runnen, de huur van een A-locatie, kosten personeel, onderhoud van de winkel, ed. die zijn enorm hoog.

Maar als je gewoon volhoudt en je uren maakt, ga je het redden.

Deze BV. wil bijvoorbeeld ook echt investeren in zijn personeel.

Zodat deze goed opgeleide, service verlenende werknemers het onderscheid kunnen gaan maken met de grote bouwmarkten.

Dit moet echt een buurtwinkel worden, waar de verkoper het aanspreekpunt is voor de klanten en jij het gezicht bent van de winkel.

Daar moet je ook zin in hebben, je moet wel gaan voor je vak.’

Dat straal je dan uit en dat geeft de klant vertrouwen.

HOE WERKT DE BOUWMARKT IN DEZE BUURT DAT VERDER UIT?

‘Deze locatie heeft bijvoorbeeld geen aantrekkende kracht buiten de stad, of misschien zelfs niet buiten deze buurt zozeer.

Het is ook gewoon duidelijk een buurtwinkel en zo is het ook opgezet.

Maar dat betekent wel als wij nu groeien in onze omzet, dat elders winkels in de buurt omzet inleveren. Daar moet je rekening mee houden.

Er is maar één taart te verdelen.

Dus je moet om zo te blijven groeien, je goed onderscheiden van andere soorten bouwmarkten.

Ik denk ook dat Peter, de zaakvoerder, vroeg of laat actief op internet met online verkoop zal worden. Dat zijn we nu nog niet. Eerst de opbouw van de winkel en dan zien we wel.

Maar ook dat wij met onze vakbekwaamheid en service verlenende inzet naar de klanten toe deze winkel moeten runnen.

Met andere woorden, wij zijn er voor deze buurt en daar gaan we voor.

Dat spiegelt in je werk ook weer terug.’  

WAT HEB JIJ NU VOORAL GEZIEN IN JOUW HELE LOOPBAAN OM ALS ONDERNEMER TE KUNNEN BLIJVEN BESTAAN?

‘Ja dat is door de jaren heen, zie je dat het blijven durven veranderen en blijven ontwikkelen als onderneming noodzaak is.

Doe je dat niet, dan ga je ten onder.’

‘Je móét mee met de stroom, zoals je ook digitaal mee moet.

En in de branche van winkeliers: zorg dat je niet te veel dood geld hebt.

Daarmee wordt gedoeld op té grote voorraden in een winkel, die dan té lang zijn blijven liggen en vaak niet meer verkocht kunnen worden.

Eigenlijk moet je binnen een jaar in deze branche je inventaris of voorraad zeker een keer gerouleerd hebben door je verkoop.

Doe je dat niet, dan verlies je veel kapitaal, dat natuurlijk fnuikend is voor je koopkracht.’

‘Blijf ook vooral enthousiast voor wat je aan het doen bent.

Anders verlies je de grip op het bedrijf of het werk wat je doet.

Vind het leuk, wat je doet en ga daarvoor.’

De Stadsbouwmarkt Amsterdam BV

J.P. Heijestraat 97-99

1053 GN Amsterdam

Telefoon: 020- 33 450 99

Mail:  de.stadsbouwmarkt.amsterdam [at] gmail.com

Website: via Facebook