INTERVIEW met DELPHINE GROOT - Eigenaresse Afrikaanse kledingwinkel Bobo Couture en Beauty Centre Bobo's Beauty

Ik heb zoveel plezier in wat ik doe,

dat ik mijn werk niet zie als werk,

maar als een deel van mijn leven.

Ik hou van mensen en word er zelf blij van

als ik hen blij kan maken,

voor wat ik voor hen kan doen.

  

Delphine Groot (1989) is een zeer sociaal bewogen en opmerkelijk blijmoedige jonge vrouw. Ze is geboren in Mali en met haar 8ste jaar naar Nederland gekomen. Zij wist al heel vroeg dat ze later zelfstandig wilde zijn en een eigen onderneming wilde.

Na haar studie Internationale Ontwikkeling aan de UvA in Amsterdam zag zij hoe gevoelig ontwikkelingswerk is en ook de onvermijdelijkheid van de niet gehaalde eindresultaten.

Zij zag hoe het niet werkte en is op haar manier haar onderneming gestart, waarin die kwetsbare doelen wel gehaald konden worden.

Zij leert de doelgroep op eigen benen te staan. Dan kunnen de mensen altijd verder, ook als de hulpverlening wegvalt.

Haar hele onderneming is hierop gebaseerd.

Delphine heeft een goed overwogen en welbewust verhaal over de start en het motief van haar onderneming.

Zij beschrijft in haar verhaal met een opmerkelijk verrassende ‘ondertoon’ haar beleid van een letterlijk en figuurlijk kleurrijke sociaalbewogen onderneming.

                                 

WAT WAS JOUW REDEN OM DEZE ONDERNEMING OP TE STARTEN?

‘Ik ben geboren in Mali, mijn moeder is Malinees en mijn vader Nederlander,

en ben in Mali opgegroeid. In de schoolvakanties gingen wij altijd naar een dorpje in Zuid Mali in de binnenlanden, waar veel kleurrijke kledingbedrijfjes waren. Toen ik  8 jaar was, ben ik met mijn ouders naar Nederland gekomen. Mijn ouders werken voor een grote internationale organisatie gericht op Afrika en Azië. Zij emigreren dan ook om de 6 à 8 jaar.

Als kind wist ik al dat ik een eigen onderneming wilde starten, want voor een baas werken was echt niets voor mij.

Gedurende mijn studie Internationale Ontwikkeling bij de UvA kwam mijn passie voor een eigen onderneming, met name in Afrikaanse kleding, ook weer helemaal terug. Het bleek tijdens mijn studie dat ontwikkelingsorganisaties helemaal niet zo efficiënt zijn, als ze lijken.

Dat was de reden, dat ik na mijn studie gelijk iets wilde gaan opzetten, dat direct invloed zou hebben op de doelgroep, in mijn geval vrouwen, die ik wil steunen. Dat de resultaten van de verleende hulp ook meteen zichtbaar zijn en blijven.’

HOE WERKTE JE DEZE KLEDINGWINKEL VERDER UIT?

‘Omdat ik al van kinds af aan wist dat ik een ondernemer zou worden, heb ik naast mijn studie 24 à 25 uur per week gewerkt. Gewoon bijbaantjes als werken in een souvenirzaak bijvoorbeeld. Op deze manier kon ik goed sparen, ook omdat mijn ouders al mijn studiekosten en mijn levensonderhoud betaalden. Al het geld, waarvoor ik bijwerkte, heb ik kunnen sparen om een mooi kapitaal op te bouwen.

Ik had dan ook direct voldoende geld om deze onderneming zonder schulden op te starten. Ik kon het in één keer financieren. In mijn cultuur, mijn Afrikaanse achtergrond, heb je gewoon geen plan B. Als je ergens voor gaat, ga je er ook helemaal voor.

Ik wilde ook eerst gewoon een kraampje buiten op de markt, omdat ik klein wilde beginnen, maar iemand raadde mij aan om in de Shopperhal in Amsterdam ZO een klein winkeltje te openen. Dat was voor mij de perfecte locatie, qua sfeer en mogelijkheden. Zo ben ik daar begonnen.’

                           

WAT HEEFT DE NAAM ‘BOBO’ TE BETEKENEN?

‘Bobo is een etnische groep in Mali en Burkina Faso, met een duizend jaar oude traditie van handgeschilderde kleding. Zo is Bobo Couture ontstaan als een bedrijf dat Afrikaanse kleding en sieraden naar Europa brengt. Wij werken dus ook echt alleen maar met ontwerpers en naaisters uit Mali, Togo en Kenia, waarvan wij weten dat zij de traditionele ontwerpen en originele kleuren gebruiken voor zowel heren- als dameskleding.’

WAT IS JOUW DOELGROEP, DIE JIJ MET DIT BEDRIJF STEUNT?

‘In ontwikkelingslanden heb je bijna geen middenklasse. Dat betekent als je arm bent, ben je dat ook echt heel erg, maar ben je rijk dan ben je ook heel, heel rijk. Er is dus een heel groot verschil tussen arm en rijk.

Daar leven de armen echt onder de $1,- grens.

Wat ik nu probeer met mijn onderneming is juist die middenklasse te creëren.

Het idee is om juist met die vrouwen te gaan werken, hoewel ik nu ook wel met mannen werk.

In Afrika, in de ontwikkelingslanden, zijn vrouwen heel belangrijk. Zij zorgen voor alles wat met de huishouding te maken heeft. Zij zijn ook verantwoordelijk voor al wat er gebeurt met de kinderen. Zij zorgen ervoor of ze wel of niet naar school kunnen gaan bijvoorbeeld.’

Dat zijn niet de mannen.

Doordat zij juist zorgen dat de kinderen naar school kunnen gaan, zorg ik ervoor dat deze vrouwen werk krijgen, om dat mogelijk te maken.

Hoe meer ik kan verkopen, hoe meer zij kunnen produceren. Ik zie echt dat die resultaten veel betekenen voor hun leven.

Ja, en natuurlijk is het dan een win-win situatie, want zij verdienen aan de producten, maar ik ook.

In eerste instantie ben ik begonnen met 3 naaisters in Kenia en dat is nu uitgegroeid tot 40 naaisters in Mali, Togo en Kenia.’

IS DIT BEDRIJF NIET EEN CERTIFICAAT WAARDIG?

‘Ja, dit is mogelijk, maar ik heb geen FAIR-TRADE label en dat wil ik ook niet. Ik hoef geen label te hebben, om te laten zien dat ik zo goed bezig ben.

Ik zie met mijn eigen ogen, hoe goed de mensen met wie ik werk, nu goed ervan kunnen leven. Deze resultaten zijn gewoon zichtbaar. Dat is voor mij voldoende.

En ik heb ook alle vertrouwen dat zij door kunnen gaan als ik onverhoopt moet stoppen. Zij hebben nu connecties genoeg om verder te komen.’

HOE WERKT DAT OM ZO MET VERSCHILLENDE LANDEN TE WERKEN?

‘Ik ga daar zelf om de twee maanden heen om de kleding op te halen of mijn ouders komen over en brengen de nieuwe voorraad mee.

We verschepen niets, wij doen alles via de Cargo luchtvaart.

Mijn ouders steunen mij, waar ze kunnen, enorm.

Zo helpt mijn moeder mee met de productie, want zij heeft vooral het contact met de ontwerpsters en naaisters in zowel Mali, Togo als Kenia. Zij zorgt er ook voor dat er nieuwe contacten komen en dat de afspraken ook goed verlopen, zodat de kleding op tijd klaar is, e.d. Zij heeft ook in al die landen gewoond en heeft daardoor ook heel veel mogelijkheden voor contacten.

Overigens zorg ikzelf ook wel voor nieuwe contacten, maar mijn moeder is er altijd voor de ondersteuning als ik haar nodig heb.

Kortom mijn moeder is heel belangrijk voor mij in dit bedrijf.’

WANNEER HEB JE DEZE KLEDINGWINKEL GEOPEND?

‘Ik ben nu 5 jaar bezig met deze winkel. Daarvoor heb ik eerst nog een jaar online verkopen gedaan, maar online is gewoon niet efficiënt en best moeilijk.

Ik dacht ook echt van nee, ik moet gewoon een fysieke winkel in Amsterdam ZO hebben. Wel had ik online al heel goed gedraaid en wist dat het ook ging lukken.

In 2015 ben ik toen met deze winkel begonnen. Het bleek al heel gauw, dat de klanten niet alleen uit ZO kwamen, maar overal vandaan, zowel uit Almere als tot uit Groningen. Ook merk ik dat de beleving in deze kleine winkel heel goed werkt, de mensen blijven terugkomen, soms zelfs als we een geschil moesten oplossen, wat soms best wel hard er aan toe kan gaan. Dat maakt niet uit, ze komen gewoon weer.

Dat zegt wel wat van de sfeer, die een winkel kan uitstralen.

Ik weet ook, dat het belangrijk is dat ikzelf aanwezig ben, ze komen ook voor mij, dat voel je gewoon.

                                         

HOE GEEF JIJ KENBAARHEID AAN JE WINKEL?

‘Nou, ik heb wel een website en een account op Facebook, maar ik wil met mijn winkel meer, dan alleen dat.

Ik wil dat de mensen de beleving van de winkel ervaren en komen voelen en passen en het gesprek er omheen.

En ik merk dat het ook zo werkt. Eigenlijk doe ik heel weinig aan reclame en acquisitie. Zelfs op Facebook post ik weinig, daar ben ik niet zo mee bezig.

Alles gaat veel meer via mond op mond reclame.

Zoals bijvoorbeeld mensen elkaar zien op feestjes, zij zien dan de kleding, die ze bij mij hebben gekocht en komen later dan ook naar mij toe.

Mijn omzet is heel goed, dus het werkt.’

HOE ZIE JIJ NU JE TOEKOMSTBEELD?

‘Het gaat zo goed met deze kledingwinkel, dat ik nu zelfs een Beauty Centre heb geopend. Dit kon ik weer doen zonder enige financiering.

Met deze Beauty Centre wil ik ook weer vrouwen aan het werk helpen, die nu in een uitkering zitten en die er ook echt uit willen. Zij zijn dan ook al gekwalificeerde schoonheidsspecialistes.

Er komen ook werkloze vrouwen op mij af, die wel willen komen werken, maar dan zwart. Zij willen dan ook nog hun uitkering houden. Daar ga ik echt niet op in. Ik zoek vrouwen die het echt leuk vinden om dit werk te doen, maar wel op een eerlijke manier. Ook vind ik het zelf heel leuk om met kapsels en gezichtsverzorging bezig te zijn. Zo heb ik ook een spoedcursus schoonheidsspecialiste gedaan om ook in deze Beauty Centre zelf te kunnen behandelen. Het is goed als je je gezicht in je zaak laat zien. Dus ik wil daar ook zoveel mogelijk zijn. Ik heb er ook zoveel plezier in dat ik bij een behandeling, die maar 60 minuten hoeft te duren, wel 2 uur bezig ben. Gewoon omdat ik het heel goed wil doen. Als iemand dan ook helemaal blij weggaat, dan ben ik dat ook.’

HOE ZIEN JOUW WERKDAGEN ERUIT?

‘Ik werk gewoon 6 dagen full time per week. Onze zoon, gaat altijd mee.‘

Zelfs na de geboorte van haar zoon (nu 8 maanden), laat Delphine zich niet kennen. Ze neemt elke dag haar zoon mee naar de winkel en dat gaat zonder enig probleem. Hij leeft tussen de mensen en in het kleurrijke leven van zijn moeder.

‘Ik wil zelf voor hem zorgen en hij gaat niet naar een kinderdagverblijf, maar blijft gezellig bij mij. Wij hebben voor hem gekozen en willen hem zelf opvoeden. Zaterdags komt ook mijn man altijd helpen, dan heeft hij vrij van zijn werk. Maar omdat ik dit werk niet zie als werk, maar als een onderdeel van mijn leven is het alleen maar leuk om te doen.’

HEB JIJ IN DE SHOPPERHAL GEEN LAST VAN VEEL CONCURRENTIE?

‘Ja, in deze Shopperhal is het heel divers en exotisch en op een gegeven moment was er ook bedrijfje vlak bij mij met dezelfde soort kleding gestart. Alleen is zij na een jaar al gestopt.

Het verschil is, dat ik ook zelf de productie doe. Mensen onderschatten hoeveel werk hierachter zit. Het lijkt of je het zo maar even kan doen, maar het is echt niet heel gemakkelijk.

In mijn geval had ik het zonder de samenwerking met mijn moeder ook niet gered. Zij maakt de link naar al die landen, waar mijn producten vandaan komen en houdt ook de productie in de gaten. Zij kent door het werk van mijn vader deze landen dan ook van binnenuit en legt daardoor heel gemakkelijk contact met nieuwe naaisters, bv. Zelf ga ik één keer per jaar naar Kenia voor de sieraden, die ik ook verkoop. Vaak ga ik dan ook naar nieuwe ateliers, die er goed uitzien en maak afspraken en sluit nieuwe contracten. Zowel mijn moeder als ik leggen deze contacten.

Maar ook de invoerrechten van deze producten zijn heel hoog, daar moet je ook echt wel rekening mee houden en goed verrekenen.’

                                      

ADVIES VOOR STARTERS

Ondernemen moet je leuk vinden en als je voor iets kiest, wat je echt leuk vindt, dan houd je het ook vol.

Ik zie dit ook niet als werk, al ben ik de hele dag bezig.

Net als bij mijn nieuwe Beauty Centre haal ik veel voldoening uit de blijheid en tevredenheid van de klanten. Daarom kan ik dit zo volhouden.

Ik startte dit bedrijf en ging er gewoon helemaal voor. Wel had ik de luxe van een startkapitaal, zodat ik de druk van een financiering niet had. Want lukt het dan niet, dan is er geen schuld. Voor mij was dat ook heel belangrijk, dat ik het zo kon financieren. En was het toch mislukt, dan had ik het toch geprobeerd zonder verdere schulden.

Voor mij is het mijn leven en het maakt mij gelukkig.

Bobo Couture  

Bobo’s Beauty

Bijlmerplein 690 M     Anton de Komplein 156D
1102 DB Amsterdam-ZO 1102 CW Amsterdam-ZO
Telefoon: +31 6-558 18 471  
delphinegroot [at] yahoo.fr  
info [at] bobocouture.com