Interview Pieter Paul Los - Meubelmaker

Door het gaan doen, ga je pas echt weten wat je wilt.
Het idee zal dan  groeien.
Zo ontwikkel je door de jaren heen je bedrijf.
Na een wereldreis van twee jaar, ben ik gewoon begonnen met een eigen bedrijf.
Dan kom je er pas achter wat je wilt en gaat het idee groeien.

Pieter Paul Los (51 jaar) woont al jaren in de Kinkerbuurt en heeft nu zijn meubelmakerij ANNICE op Archangelkade 19d bij de Houthavens in Amsterdam.

In een gezellige, artistieke bovenwoning werd ik zeer gastvrij ontvangen door Pieter en zijn vrouw.

Op de prachtige zelf ontworpen stoelen aan een grote tafel met een koel eigengemaakt drankje startten we het interview.

HOE ONTSTOND HET IDEE OM EEN EIGEN BEDRIJF TE STARTEN?

Eerst studeerde ik Communicatie Wetenschappen. Dat deed ik eigenlijk, omdat ik niet wist wat ik wilde gaan doen.

Lacherig zegt Paul dan ook: ‘”deze studie heb ik ook nog afgemaakt en ben doctorandus in de Communicatie Wetenschappen”.

Daarna ging ik eerst twee jaar op reis.

Tijdens die reis kwam ik er achter dat ik eigenlijk liever met mijn handen wilde werken.

In mijn studietijd begon ik ook al dingen, te maken, zoals metaal lassen en met een stuk hout van de straat dingen maken.

Tijdens die reis heb ik een plan bedacht voor als ik terugkwam.

WAREN ER TOEN OOK AL CONTACTEN OM JE IDEE VORM TE GEVEN?

Ja, terug van mijn reis leerde ik Peter Overdijk kennen, die behoorde bij de groep die werkte binnen de Coöperatie op het Spui, die mij uitnodigde in zijn Werkplaats te gaan werken.

Ik kreeg daar toentertijd een kleine vergoeding voor, maar voor mij was dat al heel veel geld.

WAS JE DAAR DAN IN LOONDIENST OP DE WERKPLAATS?

Nee, ik heb daar gelijk een BTW-nummer aangevraagd bij de Belastingdienst en die zeiden: “zet je gewoon B01 achter je Burger Service Nummer, dan heb je officieel een eigen bedrijf....!”

Dat was 28 jaar geleden de officiële start van mijn eigen bedrijf.

Ik werkte eerst in de werkplaats min of meer als fake ZZP-er  bij dat collectief en later kreeg ik mijn eigen werkplaat in de Tollenstraat.

Ik kreeg wel toen al meteen mijn eerst grote opdracht voor een café op het Leidseplein om 100 stoelen te plakken via contacten van de werkplaats.

HOE VERLIEP HET WERKEN OP DE WERKPLAATS?

Het werk, als meubelmaker, liep al heel gauw goed.

Het ging ook altijd via/via.

Via architecten of vormgevers bijvoorbeeld maakte ik prototypen, van meubels, daar kreeg ik dan weer werk door.

Ook via de mensen op de Werkplaats kreeg ik opdrachten.

In die tijd was ik ook nog afhankelijk van de klanten, die naar mij toe kwamen. Er moest dan vaak veel onderhandeld en overlegd worden, over het ontwerp, voor het werk tot stand kon komen.

HOE HAAL JE TEGENWOORDIG JE KLANTEN BINNEN?

Ik heb 5 jaar geleden zelf en website gebouwd, waarin mij heel duidelijk profileer wat voor een stijl ik  maak.

Als de klanten mij nu benaderen, dan hebben ze al voor mijn stijl gekozen.

Ze komen nu veel bewuster naar mij toe.

De producten, zoals bv. kasten, stoelen, zijn nu duidelijk op de website te zien.

Dat werkt heel goed.

En mijn specialiteit is vooral werken met staal in combinatie met hout.

EVEN WEER TERUG NAAR DE START VAN JE BEDRIJF, HAD JE NOG EEN ALTERNATIEF OPEN, EEN ZOGENAAMD PLAN B?

Nee, helemaal geen plan B.

Ik had wel drie sporen, waaruit ik kon kiezen en dat waren:

1. Verder gaan met de Communicatie Wetenschappen;  ik heb ook wel degelijkegesolliciteerd bij een

    groot bedrijf, maar dat was echt niets voor mij. Die sollicitatie liep ook spaak.    

2. Ik kluste al veel voor geld om zo met dat geld een stoel te maken, die ik al tijdens mijn studie had     

    ontworpen.

3.  Ik zat al heel gauw bij de Werkplaats, die voor werk zorgden.

Ik maakte voor mijn gevoel dan ook geen sprong.

Ik liet ook niets achter, ik had nog helemaal niets.

Na mijn reis ben ik gewoon begonnen en dan kom je er pas achter wat je wilt.

Er was geen bedrijfsplan, maar door aan het werk te gaan, kreeg  ik een steeds duidelijker beeld.

En dat gaf steeds meer gevoel dat ik goed zat. Het liep daardoor, in mijn geval, ook vanzelf.

Het bedrijf liep eigenlijk gelijk goed, mede door de Coöperatie, die voor mij de buffer en opvang was.

WANNEER HEB JIJ JE EIGEN WERKPLAATS GEKREGEN?

Ongeveer 10 jaar geleden heb ik mijn eigen werkplaats ANNICE gekregen.

 De inspiratie voor die naam heb ik opgedaan tijdens  mijn reis.

Het betekent zo iets als: “ook dit zal weer voorbijgaan.”

Zoals ook mijn ontwerpen iets tijdelijks hebben.

Eigenlijk is dit meer een grapje.

HOE HIELD JE HET HOOFD BOVEN WATER? 

Natuurlijk had ik  wel zorgen over mijn financiën, maar elke keer was het achteraf niet nodig.

Elke keer als de nood hoog was, kwam er wel weer wat.

Als je uiteindelijk weet welke kant je op wilt, dan gaat het ook stromen.

Er komen altijd wel opdrachten naar je toe.

WERK JE SAMEN MET ANDEREN AAN EEN PROJECT OF BEN JE ZELFSTANDIG BINNEN DIE COÖPERATIE?

Ja, je werkt zelfstandig, waarin we elkaar wel opdrachten toespelen, als de één werk nodig heeft en de ander te veel  werk heeft.

Zeker door de Coöperatie kreeg ik veel verschillende opdrachten, waardoor ik ook veel geleerd heb aan verschillende technieken.

We geven sowieso opdrachten onderling aan elkaar door en juist nu door mijn website kan ik veel opdrachten ook aan de anderen geven.

WAT IS DAT VOOR EEN WERKPLAATS / COÖPERATIE?

Het is een coöperatie, van een groepje meubelmakers, die uit de Kids Galerie voorkwamen in het voormalige kraakcomplex bij de Dam/Spui. Daar ging het nogal idealistisch aan toe.

Deze groep wilden commerciëler kunnen maken zonder opgelegde regeltjes.  

Zij waren eerst zeer idealistisch en wilden zeer laagdrempelig werken.

Iedereen moest bij hun producten kunnen komen.

Ik kwam hier dus pas later bij.

En ik was commerciëler.

Overigens nu zijn ze ook door de tijd heen commerciëler geworden.

De coöperatie werkt als regel, dat we altijd voor elkaar klaar staan, als er binnen een opdracht hulp nodig is. En dat kan echt van alles zijn.

Ook als er eentje een periode de huur niet kan betalen, dan vangen de anderen het op.

HIERDOOR HEB JE WEL EEN GROOT VANGNET?

Ja, zeker.

De coöperatie deelt ook de grote machines met elkaar.

Iedereen heeft bij zijn bedrijf zijn eigen machines ingezet, maar het gebruik en onderhoud doen we samen. Hoewel het jouw machine blijft.

MAAR ONDANKS DAT ALLEMAAL, KWAM JE ONGETWIJFELD OOK WEERSTANDEN TEGEN?

Ooh, heel praktisch: Bijvoorbeeld het huren van een huis als ZZP-er, was bijna niet mogelijk.

Bij het ontbreken van een loonstrookje en dus een vast inkomen, was het lastig je inkomen vast te stellen.

De verhuurder wil vastigheid zien en die is er niet.

Ik kreeg uiteindelijk alsnog een  huurhuis op basis van twee voorgaande jaarverslagen, die ik wel kon laten zien.

Ik had er ook moeite me dat ik als enige moest betalen toen ik me bij de coöperatie aansloot.

Zij zaten al lang samen in een pool en ik nog niet.

Daardoor voelde ik mij in eerste instantie buiten gesloten.

Hun reden was dat zij alles hadden opgezet, en ook het netwerk hadden gebouwd.

Ik maakte daar wel direct gebruik van en daar moest ik eerst voor betalen.

Daarin hadden ze gelijk.

Ik was toen nog niet gelijk geschakeld. Dat vond ik echt heel moeilijk.

Maar ik begreep het wel.

WAT IS ER AAN IDEEËN VOOR JOU NU ECHT UITGEKOMEN VANAF DE START?

Toen ik begon, zag ik mijzelf als een ontwerper, een echte kunstenaar.

Door de jaren heen zie ik steeds meer als een ambachtsman, dan een kunstenaar.

Ik verlegde op een gegeven moment ook mijn accenten in mijn leven.

Tijdens de opbouw van mijn bedrijf heb ik alleen een zoon opgevoed.

Vanaf het moment dat hij in mijn leven kwam, vond ik de opvoeding van mijn zoon nog belangrijker dan mijn werk.

En dat geldt ook nog voor de relatie met mijn vrouw en dochter.

Daardoor veranderde mijn ambitie.

Mijn ambitie viel steeds meer weg.

Ik deed het werk meer om in mijn onderhoud te voorzien.

Toch kan ik niet anders dan via een eigen bedrijf werken.

Het is niet uit stoerheid, eerder uit onzekerheid. Misschien kan ik niet zo goed mijn grenzen beschermen.

Politiek bedrijven om binnen een onderneming je carrière veilig te stellen in niets voor mij.

Er kan er maar één winnen. En er is daarin teveel strijd. Dat ligt mij niet zo.

Ik ben heel blij, met wat ik nu doe.

Vooral de vrijheid, die ik binnen mijn werk ervaar.

HOE GA JE OM MET DE VOORTDURENDE VERANDERINGEN, DIE NIET ALLEMAAL TE VOORZIEN ZIJN?

Vooral meebewegen, zoals met de Crisis.

De Crisis gaf mij niet zozeer minder werk, maar ik werkte méér voor minder geld.

Achteraf merk je pas, hoe je toch onder spanning hebt gezeten.

Achteraf zie je pas, dat je gewoon een tijdje aan het overleven bent geweest.

Nu heb ik ook weer spanning, omdat ik juist te veel werk heb.

Maar dat is een andere spanning.

CONCLUSIE

Maak als starter een duidelijke website van wat je doet.
Dan ben je niet afhankelijk van diegene, die naar je toekomt.
Zij kennen dan je werk en product en dan hoef je niet steeds weer uit te leggen wat je doet en maakt.
Profileer jezelf zo goed mogelijk.
Dat werkt het beste.

pieterpaulos [at] gmail.com

www.annicemeubelmakerij.com