Hoever mag de Belastingdienst gaan in het opvragen van informatie?

Hoever mag de Belastingdienst gaan in het opvragen van informatie?

Wat is je informatieplicht?
Volgens art. 47 lid 1 AWR is iedereen verplicht aan de Belastingdienst informatie te verstrekken die voor de belastingheffing van belang kan zijn. De bedoelde informatie moet op grond van art. 49 lid 1 AWR stellig, duidelijk en zonder voorbehoud worden verstrekt. De inspecteur van de Belastingdienst mag de gekozen wijze en termijn kiezen. Ook kan je als belastingplichtige onder last van een dwangsom worden gedwongen al de informatie te verschaffen die van belang kan zijn voor een juiste belastingheffing.

Dit verkregen materiaal mag uitsluitend worden gebruikt ten behoeve van de belastingheffing. Wordt dit materiaal toch gebruikt voor fiscale beboeting of strafvervolging van de belastingplichtige, dan is het aan de fiscale rechter of de strafrechter om daaraan gevolgen te verbinden. Zie voor meer informatie het artikel ‘Zwartspaarders dwingen mee te werken aan eigen veroordeling, mag dat?’.

Welke informatie mogen anderen aan de Belastingdienst geven?
De Belastingdienst kan in de uitvoering van haar werkzaamheden informatie over belastingplichtigen opvragen bij derden. Zo is ook gebleken in de volgende twee recente gevallen:

Informatie via zorgverzekeraar
De vraag of de fiscus informatie via een derde mag verkrijgen kwam aan het licht in een zaak waarbij de Belastingdienst informatie via een zorgverzekeraar heeft gebruikt voor de belastingheffing. In casu gaat het om een belastingplichtige die in haar IB-aangifte van 2006 bepaalde aftrekbare ziektekosten claimt. De inspecteur is echter van mening dat zij slechts recht heeft op de aftrek van de standaardpremie. Hiertoe neemt de inspecteur contact op met de zorgverzekeraar ter verkrijging van de benodigde informatie.

Onrechtmatig verkregen?
De belastingplichtige vindt dat de via de zorgverzekeraar verkregen informatie onrechtmatig is verkregen. Zij had op de hoogte gesteld moeten worden en de inspecteur had de desbetreffende informatie ook via haar kunnen verkrijgen. Echter, Gerechtshof Amsterdam is van mening dat de inspecteur op basis van art. 53 AWR bevoegd is om benodigde informatie bij derden op te vragen (LJN CA0464, nr. 11/00134). Daarom is geen sprake van onrechtmatig verkregen informatie.

De bevoegdheid om informatie op te vragen is niet beperkt tot de gevallen waarin die informatie niet bij de belastingplichtige zelf kan worden opgevraagd. Hierbij hoeft de Belastingdienst de belastingplichtige niet op de hoogte te stellen.

Kentekens worden door de politie naar de Belastingdienst doorgestuurd, kan dat?
Het NRC van 27 juli 2013 meldt dat de fiscus over het jaar 2012 de parkeergegevens opgevraagd heeft van iedereen die bij een parkeerautomaat op kenteken heeft geparkeerd. De Belastingdienst wil met de verkregen gegevens controleren of leaserijders zich aan de gestelde regels voor privékilometers houden. Als leaserijder mag je - om niet in aanmerking te komen voor de bijtelling in de inkomstenbelasting - jaarlijks maximaal 500 privékilometers rijden met je zakelijke auto.

Politiegegevens
Niet alleen de parkeergegevens zijn opgevraagd door de Belastingdienst. Het blijkt dat ook de door de politie op de weg gescande kentekens worden doorgespeeld aan de fiscus. Ook deze gegevens gelden ter controle of leaserijders zich houden aan de gestelde regels. Diverse leaserijders zijn in de afgelopen maanden geconfronteerd met kentekengegevens die aantonen dat de door hun opgegeven rittenadministratie onjuist is. Veel van deze leaserijders hebben bepaalde ritten niet opgenomen in de administratie, of bepaalde ritten foutief opgenomen in de administratie. De Belastingdienst heeft zodoende naheffingen opgelegd van duizenden euro’s.

Een aantal van de leaserijders hebben een rechtszaak aangespannen, omdat zij vinden dat het opslaan van hun rijgedrag hun privacy schendt. Deze rechtszaak is door de leaserijders gewonnen. In 2014 heeft de Belastingdienst met de politie een convenant afgesloten. Daarin leggen zij vast dat ze de gegevens van de autorijders een dag mogen bewaren. Als de gegevens een 'hit' opleveren, mogen zij dit verder onderzoeken. De overige gegevens moeten dan vernietigd worden. 

Privacyschending
Het College Bescherming Persoonsgegevens, het CBP, constateert dat de overheid steeds meer persoonsgegevens verzamelt en koppelt (CBP jaarverslag 2012). De kans op onzorgvuldigheid en strijdigheid met de Wet bescherming persoonsgegevens neemt hierdoor toe, wat privacyschending tot gevolg kan hebben. De bescherming van persoonsgegevens is een grondrecht, dat juist door de overheid dient te worden nageleefd. Nu het duidelijk is dat de Belastingdienst bevoegd is om via derden informatie op te vragen, is het essentieel dat hierbij de wet- en regelgeving betreffende bescherming van deze persoonsgegevens strikt nageleefd wordt. Naar onze mening kan een foutieve omgang met deze bevoegdheid leiden tot een inbreuk op het vertrouwen van burgers in de overheid.

Gebaseerd op artikelen uit:
NRC, 27 juli 2013.
NRC Next, 7 augustus 2013.

Belastingplan 2014: maatregelen voor ZZP en BV/DGA

Belastingplan 2014: maatregelen voor ZZP en BV/DGA

Maatregelen 2014 Voor ZZP:
- de MKB winstvrijstelling is 14% for 2014;
- het is per 1 december verplicht om 1 bankrekeningnummer te gebruiken voor teruggaven voor omzetbelasting, toeslagen en inkomenstenbelasting; 
- zelfstandigenaftrek voor 2014: 7.280 euro en voor starters een extra korting van 2.123 euro.

Voor ZZP en BV/DGA:
- personenauto valt per 2014 niet meer onder de investeringsaftrek;
- het onjuist, onvolledig doen van aangiftebelasting dan wel niet betalen ervan is strafbaar;
- einde integratieheffing voor de omzetbelasting;
- desinvesteringsdrempel is 2.300 euro.

Voor BV/DGA:
- eenmalige verlaging voor inkomens tot 250.000 euro onder de Aanmerkelijkebelang heffing in box 2, namelijk 22%, normaal 25%;
- tarief voor de VPB is 20% tot een winst van 200.000 euro, erboven is het 25%. 

Artiesten: Ondernemers ‘in loondienst’, wat past je?

Artiesten: Ondernemers ‘in loondienst’, wat past je?

Als artiest is het niet altijd even duidelijk of je nu in loondienst bent of als zelfstandig ondernemer werkt. In welke vorm jouw opdracht wordt uitgevoerd, hangt af de feiten en omstandigheden van je opdracht. In deze tekst vind je informatie over wanneer je als artiest in loondienst bent en welke mogelijkheden je als zelfstandig ondernemer hebt.

Allereerst:  ga na of sprake is van een dienstverband
De eerste en belangrijkste stap is om na te gaan of sprake is van een ‘gewoon’ dienstverband. De introductie van de modelovereenkomst en het vervallen van de VAR WUO betekent dat je per opdracht beoordeelt of sprake is van een dienstverband. Er zijn veel rechterlijke uitspraken geweest over wanneer iemand een dienstverband heeft of als zelfstandige werkt. Als je aan de volgende kenmerken voldoet, dan is doorgaans sprake van een dienstbetrekking:

1. Je verricht (persoonlijk) werk voor de werkgever;
2. De werkgever is verplicht om (als tegenprestatie) loon te betalen;
3. Er bestaat een gezagsverhouding tussen jou en de werkgever.

Als je meer wilt weten over de elementen van een dienstverband, klik dan hier.

Is sprake van een dienstverband, dan is de situatie duidelijk. Je bent dan een normale werknemer volgens het arbeidsrecht en kan niet als zelfstandige uitbetaald worden.

Overeenkomst van opdracht
Als artiest komt het best vaak voor dat je zelf een programma bedenkt of grote artistieke vrijheid hebt bij je opdracht. Ook kan het zijn dat je zelf risico loopt als de voorstelling niet verkoopt. Als dat het geval is, dan is doorgaans geen sprake van een regulier dienstverband omdat één van de drie criteria die een dienstverband heeft, ontbreekt. Je werkt dan volgens een overeenkomst van opdracht.

Artiestenregeling
Omdat artiesten een iets andere positie innemen dan normale werknemers, heeft de overheid de artiestenregeling in het leven geroepen.  Als je als artiest een overeenkomst van opdracht uitvoert, valt die in principe onder de artiestenregeling als de opdracht voor een periode korter dan drie maanden wordt aangegaan. Dat betekent dat de regeling ook geldt bij een eenmalig optreden. Als artiest in de artiestenregeling val je onder de loonbelasting. Dat is vreemd aangezien artiesten veelal geen werknemers zijn, maar zelfstandigen die met hun opdrachtgever een overeenkomst van opdracht afsluiten.

Er is in deze gevallen sprake van een fictieve dienstbetrekking. Ondanks dat artiesten zelfstandigen zijn, vallen zij dus wel onder de loonbelasting en de sociale verzekeringen. Dat brengt voor de opdrachtgever meer administratie met zich mee. De opdrachtgever moet zich namelijk aanmelden bij de Belastingdienst, de identiteit van de artiest vaststellen, gageverklaringen invullen en loonadministraties aanleggen, aangifte doen en een jaaropgaaf verstrekken.

Geen artiestenregeling
Veel artiesten willen niet in de artiestenregeling verloond worden, omdat zij graag als zelfstandig ondernemer facturen. Daar komt bij dat opdrachtgevers meer werk hebben aan het verlonen in de artiestenregeling. Je kunt er daarom als artiest en opdrachtgever samen voor kiezen om niet volgens de artiestenregeling te verlonen. Vanaf 1 mei 2016 heb je daartoe de volgende twee mogelijkheden:

1. Je werkt volgens een door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomst. Let goed op bij de modelovereenkomsten of jullie ook volgens de bepalingen gaan werken. Controleer dus altijd of datgene wat in de modelovereenkomst staat, ook echt op jou van toepassing is. Alle belangrijke dingen die je wilt weten over de modelovereenkomst, lees je hier.

2. Als je niet met een modelovereenkomst werkt, kun je vooraf met je opdrachtgever afspreken dat je géén gebruik wilt maken van de artiestenregeling. Een voorbeeld hoe je dit kunt omschrijven vind je hier. Zorg ervoor dat je dit overeenkomt vóórdat je de klus doet. Op de factuur kun je nog extra vermelden dat geen gebruik wordt gemaakt van de artiestenregeling en de uitbetaling daarom bruto is.

In het volgende geval is ook geen sprake van verloning via de artiestenregeling:

Via Opting-in (pseudo-werknemer) en overeenkomsten van langer dan 3 maanden
Wat nu als je als artiest niet als zelfstandige kan worden beschouwd en ook geen sprake is van een echte of fictieve dienstbetrekking? In deze gevallen kan de artiest samen met de opdrachtgever ervoor kiezen om de arbeidsverhouding toch als dienstbetrekking te beschouwen. Vandaar het woord pseudo-werknemer. Er is dus geen dienstbetrekking, maar de normale regels voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen gelden wel. Als je voor opting-in kiest, moet de Belastingdienst daarvan wel op de hoogte worden gebracht.

NB: Deze regeling geldt niet voor de werknemersverzekeringen. Voor eventuele ziekte of arbeidsongeschiktheid kunt u of de werknemer zich particulier verzekeren. Als je een overeenkomst hebt die niet van korte duur is, dan hoeft de opdrachtgever geen loonbelasting in te houden. Over het inkomen dat je ontvangt voor de opdracht moet je dan zelf inkomstenbelasting betalen. Ook in dit geval kan er voor opting-in worden gekozen.

Contact
Heb je nog vragen of jij als artiest ondernemer bent of niet, neem gerust contact met ons op.

 

 

Pagina's